Skip to main content
Contact? Stuur een mailtje naar kinderclubvoltreffer@gmail.com

Belangrijk nieuws!

 maria en elisabeth11 december 2021

Hoe gaat het met je? Nog even en dan is het alweer kerstvakantie. Overal zie je al kerstspullen in de winkels. Op de club zouden we het ook al hebben over kerst. We vinden het jammer dat we nu niet met jullie club kunnen houden. We hopen dat we jullie weer snel mogen zien!

Dit verhaal gaat over een meisje dat van plan was om te trouwen met haar vriend Jozef. Dit meisje heette Maria. En op een dag stuurde God een engel naar Maria. Het was de engel Gabriël en deze engel kwam zomaar haar huis binnen en zei tegen Maria: “Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je.” Begenadigd? Maria was verbaasd, wat bedoelde de engel? Bedoelde de engel dat zij bevoorrecht was, dat zij speciaal was? Ze schrok een beetje en ze vroeg zich af wat het allemaal betekende, zijn woorden waren toch wel wat vreemd.
Maar de engel zei: “Wees niet bang Maria, God heeft je zijn gunst geschonken.” Hij bedoelde dat God haar iets goeds zou geven. De engel vertelde aan Maria dat ze een baby in haar buik zou krijgen en dat ze een Zoon zou krijgen, niet zomaar een Zoon, maar de Zoon van God en ze moest hem Jezus gaan noemen. De engel was nog lang niet klaar met vertellen, hij vertelde nog meer, zelfs dat Jezus een groot man zou worden, dat Hij Zoon van de Allerhoogste zou worden genoemd en dat Hij van God een troon zou krijgen. Dat deze Jezus zelfs tot in eeuwigheid koning zou zijn. Tot in eeuwigheid is niet heel eventjes, nee dat is heel lang, dat is voor altijd, dat blijft, dat zal nooit stoppen. Hij zal altijd Koning zijn, hoorde Maria het wel goed? Ze vroeg het de engel, want ze begreep het eigenlijk niet goed: “Hoe zal dat dan gaan gebeuren? Dat kan toch helemaal niet, ik heb wel een vriend, Jozef. En ik wil wel met hem trouwen, maar nu ben ik nog niet getrouwd en ik kan nog helemaal geen kindje krijgen, Jozef en ik willen wachten tot we getrouwd zijn.” “Dit kindje zal geen kindje van Jozef zijn Maria, daar is geen sprake van, dit kindje zal het kind van God zijn. De Heilige Geest zal bij jou komen en de kracht van de Allerhoogste, de kracht van God zal als een schaduw jou bedekken”, antwoordde de engel Maria. Wat een raar verhaal, Maria bleef verbaasd, de Heilige Geest, de kracht van God die net als een schaduw tot haar zal komen? Wat vreemd.
Maar de engel meende het serieus: “Het kindje dat geboren wordt, zal heilig genoemd worden Maria en dat is omdat het de Zoon van God is.” Dan vertelt de engel nog iets heel moois aan Maria, hij vertelt dat haar familielid, Elisabeth ook in verwachting was van een zoon. Elisabeth was al wat ouder en iedereen dacht dat zij geen kinderen kon krijgen en nu zou ze dus toch een kindje krijgen. De mensen dachten dat het onmogelijk was, maar het was dus toch mogelijk. “Ze heeft al zes maanden een baby in haar buik”, vertelde de engel. Bij God is niets onmogelijk, God kan het doen. Maria was blij, ze zei: “Ik wil die Heer dienen, laat het maar gebeuren zoals Hij gezegd heeft.” Dat had ze goed gezegd en zo gebeurde het. God zorgde ervoor dat Zijn Zoon, de Here Jezus ging groeien in haar buik.

God is sterker dan de reus!

david en goliath27 november 2021

Voor deze clubochtend kreeg je post! Misschien zou jij ook wel post willen ontvangen, laat het ons dan weten via de mail! Hieronder lees je wat het verhaal was die bij de post zat. Heb je het knutselwerkje al gemaakt? 

Weet je nog waar we het de laatste keren op de club over gehad hebben? We hebben gehoord hoe alle nare dingen in de wereld gekomen zijn en we hebben het gehad over ziek en bang zijn. God wil jou helpen als je ziek of bang bent, Hij is sterker dan al die nare dingen! In de Bijbel staat nog een verhaal wat daar over gaat. Het is het verhaal van David, een kleine jongen, en Goliath, een hele sterke reus.
Het is oorlog in Israel! Het leger van de Filistijnen is gekomen en wil het land Israel innemen. Dat laten de mensen in Israel natuurlijk niet zomaar gebeuren! Hun leger is het leger van de Filistijnen tegemoet gegaan. Nu zijn ze heel dicht bij elkaar gekomen. Het leger van de Filistijnen ligt op de helling van de ene berg en het leger van Israel op de helling van de berg ertegenover. De soldaten van Israel zijn erg bang! Want weet je wie de Filistijnen meegenomen hebben? Goliath! Goliath is de sterkste soldaat van het hele leger. Hij is bijna drie meter lang en hij heeft een heel sterk harnas aan. Iedere dag komt Goliath naar het dal dat tussen de twee bergen ligt en roept: ‘Durven jullie wel met mij te komen vechten? Stuur één man uit jullie leger naar mij toe, dan zullen we met elkaar vechten. Als hij wint, heeft jullie hele leger gewonnen en worden wij jullie knechten en als ik win, heeft mijn leger gewonnen en moeten jullie onze knechten zijn.’ Goliath spot met de mensen uit Israel en wat nog erger is, ook met God! Daarom zijn de mensen zo bang. Ze durven niet tegen Goliath te vechten.


Op een dag komt David in het leger. David is een jonge jongen. Hij is schaapherder en zorgt dus iedere dag voor de schapen van zijn vader. Hij moet van zijn vader eten gaan brengen bij zijn broers, die ook soldaat zijn. Hij hoort Goliath spotten. David wordt verdrietig en boos tegelijk. Want David houdt heel veel van God en kan het niet hebben dat iemand met Hem spot. Hij vraagt aan de soldaten: ‘Is er echt niemand die met die man durft te vechten?’ Nee, niemand… Dan zegt David tegen de koning van Israel: ‘Ik zal met Goliath gaan vechten!’ Maar David, kun je dat dan wel? Zo’n kleine jongen tegen zo’n sterke reus…! Dat kan toch nooit goed gaan? Maar David gaat wel! Zonder harnas. Het enige wat hij meeneemt, is zijn slinger, een stukje leer waar hij een steentje in kan doen. Als hij dat rondzwaait en loslaat, vliegt het steentje weg. David heeft op die manier al eens een beer bij zijn schaapskudde weggejaagd. Hij weet dat God hem daar toen bij geholpen heeft en David vertrouwt erop dat God hem ook nu zal helpen! Als Goliath ziet dat David op hem af komt lopen, spot hij met hem. Zo’n kleine jongen kan toch nooit van hem winnen? Maar Goliath vergeet dat God David helpt. En God is veel sterker dan Goliath! David doet een steentje in zijn slinger en slingert het naar Goliath toe. Het steentje komt precies in het voorhoofd van Goliath en daar valt Goliath, dood op de grond. Met de hulp van God heeft David van hem gewonnen.
Heb jij ook met zulke sterke reuzen als Goliath te maken? Misschien vind je alle dingen die de laatste tijd gebeuren wel heel moeilijk: er zijn veel mensen ziek, misschien ook wel in jouw familie of in je klas op school. Je kunt niet alles doen wat je leuk vindt, omdat er coronamaatregelen zijn. Er is veel ruzie en nog veel dingen meer. Het lijken net reuzen, waar wij niet van kunnen winnen. Misschien word je er verdrietig, bang of boos van. Maar: God wil je helpen om van die reuzen te winnen, zodat je er niet meer zo verdrietig, bang of boos van wordt. Hij is nog steeds even sterk als toen Hij David hielp om van Goliath te winnen!

Storm!

13 november 2021

Het ging vandaag over storm op het meer. Je kunt in het gedichtje hieronder lezen hoe dat ging:

Storm op het meer

 

Na het Bijbelverhaal hebben we de storm getekent. Het was een hele gezellige ochtend!

Helaas kan de volgende clubochtend niet doorgaan i.v.m. de nieuwe coronamaatregelen. Hopelijk mogen we jullie snel weer zien! 

Ziek zijn..

Naäman23 oktober 2021

Wat fijn dat jullie weer met zoveel op de club waren! We hebben het met elkaar gehad over ziek zijn. Wat doe je dan? Juist, naar de dokter om medicijnen te halen. Maar kunnen die medicijnen alleen je beter maken? Nee, dat kan alleen als God daarvoor zorgt! Want God is de enige die ons beter kan maken. In de Bijbel, het boek van God, staat ook een verhaal over iemand die ziek was. Hij kreeg een heel bijzondere opdracht van God om weer beter te worden.

Deze man heet Naäman. Hij is een heel belangrijke man, is heel rijk en heeft veel knechten. Maar er is één probleem: hij is ziek. Zijn huid zit helemaal vol met witte zweren, die pijn doen en jeuken. Hij kan niet meer beter worden. Zelfs de knapste dokter kan hem niet helpen. Alleen God! Maar dat weet Naäman niet. Hij kent God niet. In het huis van Naäman woont ook een jong meisje. Zij helpt de vrouw van Naäman bij het werk in huis. Zij kent God wel en weet dat Hij alle dingen kan. Ze gelooft vast en zeker dat Hij ook Naäman beter kan maken! Ze vertelt aan de vrouw van Naäman dat Naäman eens naar het land Israël moet gaan. Daar woont een knecht van God, Elisa. Die kan Naäman vast helpen.

Naäman gaat gauw op reis. Hij neemt dure cadeaus mee voor Elisa. Als hij beter wordt, wil hij hem graag bedanken. Na een paar dagen komt Naäman aan bij het huis van Elisa. Hij denkt: dan komt Elisa vast naar buiten voor zo'n belangrijke man als ik ben, dan zal hij wel over de zweren op mijn huid strijken met zijn hand en mij zo weer beter maken. Maar niets van dat alles! Elisa stuurt een knecht naar de deur, die Naäman de opdracht geeft om zich zeven keer te wassen in het water van de Jordaan, de rivier in Israël. Wat wordt Naäman boos! Woedend is hij. Moet hij zich in dat vieze water gaan wassen?? In zijn eigen land zijn de rivieren veel beter! Boos keert Naäman om. Hij wil weer teruggaan naar zijn eigen land. Maar zijn knechten steken daar een stokje voor. 'U hebt een heel makkelijke opdracht gekregen', zeggen ze. 'Als het iets moeilijks was geweest, had u het zeker gedaan. Zou u het dan nu ook niet gewoon proberen?' Tja, daar hebben ze wel gelijk in. Naäman denkt even na en rijdt dan toch maar naar de Jordaan. Hij loopt het water in en dompelt zich onder in het water. Eén keer, twee keer, drie keer... Hij kijkt eens naar zijn armen. Er verandert nog niets! Vier keer, vijf keer, zes keer... nog steeds ziet hij de zweren op zijn huid zitten! Maar de knecht had gezegd zeven keer. Nog één keer gaat Naäman kopje onder. En daarna... zijn huid is weer helemaal gezond! Wat is Naäman blij! Hij roept: 'nu weet ik zeker dat God bestaat! Hij heeft mij weer beter gemaakt.'

Als jij ziek bent, kan God jou ook weer beter maken. Vraag het maar aan Hem! En natuurlijk mag je dan ook naar de dokter gaan voor medicijnen. Die wil God gebruiken om jou weer beter te maken. En weet je wat zo mooi is? God wil ook jouw hartje beter maken! Als je niet in God gelooft, is je hart ziek en doe je heel veel verkeerde dingen. Maar Jezus is gekomen om ons hart weer beter te maken. Geloof in Hem en Hij maakt je hart weer beter.

Na het verhaal uit de Bijbel hebben we nog gezellig gespeeld en geknutseld. Wat hebben jullie mooie dingen gemaakt met de playmais! Een mooie slak, een regenboog, een boot en nog veel meer... Of een mooie raamhanger, door een kleurplaat in te kleuren en met olie in te smeren, zodat 'ie doorzichtig werd. Knap hoor!

Kom je de volgende keer weer? Op 13 november is er weer club. Tot ziens!

Waarom gebeuren er nare dingen?

Adam en eva9 oktober 2021

Superleuk dat jullie weer met zoveel op de club waren! We waren met een grote groep en dachten na over de vraag ‘waarom gebeuren er zoveel nare dingen?’. Misschien vraag jij je dat ook weleens af. Jullie konden ook wat voorbeelden geven van nare dingen: pijn, verdriet, iemand die overlijdt of iemand is ziek. Allemaal dingen die we liever niet meemaken, maar toch gebeurt het. We stelden eerst de vraag aan elkaar: ‘Is het zo dat er altijd nare dingen zijn geweest in de wereld?’. Veel van jullie dachten dat er altijd nare dingen zijn geweest. Maar er is een tijd geweest dat er geen nare dingen waren.

In de Bijbel, het Boek waar je de verhalen kan vinden die wij vertellen, gaat het over die tijd dat er geen nare dingen waren. God maakte de Hemel en de aarde. Hij maakte dieren, planten, bomen en God maakte ook de mens. Adam en Eva waren de eerste mensen op de aarde en leefden in een grote tuin, dat noemen we het paradijs. Er was toen geen ziekte, geen ruzie, geen dood, geen boosheid, geen pijn, geen verdriet. Alle dieren leefden ook met elkaar, de leeuw en een schaap liepen naast elkaar en deden elkaar geen pijn. Alles was goed en er was vrede.

Maar waarom is dat nu niet meer zo? Dat staat ook in de Bijbel. God had tegen Adam gezegd: ‘Je mag van alle bomen eten, maar van 1 boom niet. Dat is de boom van kennis van goed en kwaad. Want als je daarvan eet, dan zal je sterven.’ Nou dat is toch niet moeilijk zou je denken? Want God had héél véél bomen gemaakt en er was genoeg eten voor Adam en Eva om van al die andere bomen te eten. Nou dan konden ze toch wel van die ene boom afblijven! God wilde dat Adam en Eva vrijwillig naar God zouden luisteren. Dat betekend dat God wilde dat Adam en Eva naar God zouden luisteren omdat ze dat zelf ook wilde en niet omdat ze bang waren voor God of omdat God dat verplichtte. Daarom had God gezegd dat ze van die ene boom niet mochten eten.

Maar er was iemand die niet wilde dat Adam en Eva naar God zouden luisteren. Dat was de duivel. De duivel dacht: Als ik er nou voor kan zorgen dat Adam en Eva niet meer naar God zouden luisteren, dan zullen ze sterven en niet meer doen wat God wil. De duivel was heel slim, want hij kwam niet als direct persoon. Nee hij gebruikte hiervoor de slang. Toen Eva in het paradijs wandelde hoorde ze opeens een stem. De slang begon tegen Eva te praten maar het was eigenlijk de duivel die door de slang tegen Eva zei: ‘Klopt het ook dat God gezegd heeft: Je mag niet eten van alle bomen die in het paradijs staan?’ Eva antwoordt daarop: ‘Van alle bomen mogen wij eten, maar van de boom van kennis van goed en kwaad mogen wij niet eten, want anders zullen wij sterven’. De duivel zei: ‘Nee hoor, je zult niet sterven als je daarvan eet. Nee God weet dat als je daarvan eet dat je dan zal weten wat goed en wat kwaad is en dan zal je net als God zijn.’

Eva dacht na. Ja ze zou ook wel als God willen zijn. Waarom zou God dat niet goed vinden? Maar God wilde Adam en Eva juist bewaren dat ze wisten wat kwaad was. Hij wilde alleen het goede voor hen. Eva keek nog eens naar de boom van kennis van goed en kwaad. Er zaten zulke mooie vruchten aan en in plaats van zich om te keren en te zeggen: ‘Nee ik wil God gehoorzaam zijn’ luisterde Eva naar de duivel en pakte een vrucht van de boom en at die op en ze gaf ook een vrucht aan Adam en die at ook. Adam en Eva hadden niet naar God geluisterd, maar naar de duivel. En opeens schrokken ze en wisten ze dat ze iets verkeerds hadden gedaan. Dat kwam omdat de zonde in hun hart was gekomen. Zonden zijn de dingen die God niet wil, zoals liegen, stelen, niet luisteren. Dat zijn allemaal dingen die wij ook heel snel doen. Doordat Adam en Eva niet naar God luisterde veranderde de hele wereld.

Maar hoe komt het dat wij nu ook verkeerde dingen doen en dat er nare dingen zijn? Wij waren er toch niet bij toen Adam en Eva van die boom aten? Iemand van zei: ‘Omdat wij allemaal familie zijn van Adam en Eva’. En dat klopt, wij zijn allemaal familie van Adam. Je zou het ook een beetje kunnen vergelijken met een voetbalteam. Als iemand van jou team een doelpunt maakt, doet hij dat voor het hele team. Maar als er niet gescoord wordt verliest ook het hele team. Je kunt Adam vergelijken met de leider van ons team. Doordat hij niet had geluisterd naar God ‘miste hij het doel’, en dus hebben we allemaal verloren. Daardoor gebeuren er nu allemaal dingen die God niet wilde op de aarde, maar er toch zijn omdat wij niet luisteren naar God. Wij hebben geluisterd naar de duivel. De duivel heeft daarom macht over ons en wij doen niet meer wat God wil, maar wat de duivel wil.

En nu is het zo dat, nadat Adam en Eva naar de duivel luisterde, dat God naar Adam en Eva toe kwam. God zei tegen Adam en Eva dat Hij ervoor zou zorgen dat de macht van de duivel zou breken. Voor alle verkeerde dingen (=zonden) ,zoals liegen, stelen, niet luisteren, die wij doen zou God Iemand anders sturen die de straf zou dragen voor ons. Want als je niet luistert volgt er vaak een straf en dat is ook zo als wij niet naar God luisteren. God heeft de Here Jezus gestuurd. Wij hadden niet geluisterd naar God en daarom doen wij verkeerde dingen en gebeuren er nare dingen, en dan zou je denken omdat wij niet geluisterd hebben dan moeten wij ook de straf dragen. Maar God heeft Jezus voor ons naar de aarde gestuurd. Ons hart is zwart door alle verkeerde dingen die wij doen. Maar omdat Jezus is gestorven aan het kruis kan ons hartje weer wit worden. Hij kan je dan helpen om te doen wat God wil en dat je weer naar God gaat luisteren.

Naast het Bijbelverhaal hebben we nog een lied geleerd. Weet je het nog? Alle letters van het alfabet kwamen in het lied voor! Je kunt hem hier nog een keer luisteren: Van A tot Z - Marcel & Lydia [officiële video] - met liedtekst - YouTube 

Ook hebben we allemaal letters versierd en daar gaan we een boek van maken, zodat we daarmee dit liedje heel vaak kunnen zingen op de club. Ook hebben jullie gezellig spelletjes gedaan. Wat was het een leuke en gezellige ochtend!

Kom je de volgende keer weer? Op 23 oktober is er weer club. Tot ziens!

 9 oktober 19 oktober 2